{"id":581,"date":"2016-03-15T23:28:27","date_gmt":"2016-03-15T22:28:27","guid":{"rendered":"http:\/\/willydezutter.be\/?p=581"},"modified":"2017-03-27T15:30:02","modified_gmt":"2017-03-27T14:30:02","slug":"maurice-gorrissen-1856-1924-een-brugse-vrijmetselaar-uit-ieper","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/willydezutter.be\/?p=581","title":{"rendered":"Maurice Gorrissen (1856 &#8211; 1924), een Brugse vrijmetselaar uit Ieper."},"content":{"rendered":"<p>De offici\u00eble installatie van de Brugse vrijmetselaarsloge La Flandre (Grootoosten van Belgi\u00eb) vond plaats op 4 juni 1881 (1). \u00a0Afgezien van de initiatieke doelstelling lag het voor de hand dat er gestreefd werd naar een liberaal kiesplatform. \u00a0De Belgische continentale vrijmetselarij staat in een totaal andere traditie dan de Engelse variant, die zich opwerpt als de moederloge van alle loges waar ook ter wereld. \u00a0De dominantie van het ultramontaans katholicisme lag daarvoor aan de basis.<\/p>\n<p><strong>De herkomst van de familie Gorrissen<\/strong><\/p>\n<p>Maurice-Nicolas-Etienne-Ferdinand Gorrissen werd geboren te Ieper op 2 april 1856 als zoon van Fr\u00e9d\u00e9ric-Lambert-Ferdinand Gorrissen, geboren te Huy (Hoei, prov. Luik) op 2 maart 1812 en overleden te Ieper op 25 april 1871, en van Lucie-Th\u00e9r\u00e8se Clynckemaille, geboren te Ieper op 18 augustus 1826 en overleden te Ieper op 2 oktober 1910. \u00a0Fr\u00e9d\u00e9ric Gorrissen was de zoon van Charles-Ferdinand, eigenaar wonende in Huy en van Anne-Cath\u00e9rina Rerkers. \u00a0De familie Gorrissen was sedert 1740 in Huy gevestigd maar afkomstig van Leut (Belgisch Limburg), afhankelijk van het Prinsbisdom Luik. \u00a0Fr\u00e9d\u00e9ric werd doctor in de wijsbegeerte en letteren en tijdens het schooljaar 1834-1935 werd hij titularis voor geschiedenis en aardrijkskunde aan het Gemeentelijk College van zijn geboortestad. \u00a0In 1841 werd hij ook belast met de leervakken Latijn en Grieks. \u00a0Maar in 1845, hij gaf toen al tien jaar les, werden de vakken geschiedenis en aardrijkskunde afgeschaft. \u00a0In oktober 1845 diende hij zijn ontslag in. \u00a0Hij bleef tot 1851 wonen in Huy, waar hij lid was van &#8220;L\u2019Union Lib\u00e9rale&#8221;. \u00a0Op 16 september 1852 werd hij retorica- en po\u00ebsisleraar aan het Gemeentelijk College, verbonden aan de nieuwe middelbare school te Ieper (2). \u00a0Het jaar daarop, in 1853, huwde hij met Lucie-Th\u00e9r\u00e8se Clynckemaille, de dochter van molenbouwer en houthandelaar Pierre Clynckemaille (1793-1872) uit Ieper (3). \u00a0Het huwelijkscontract werd afgesloten op 26 april 1853 voor notaris Lucien Boedt (1791-1856). \u00a0Die was notaris in Ieper van 1832-1856. \u00a0Hij bleef leraar in Ieper tot aan zijn overlijden op 25 april 1871. \u00a0In Ieper stond hij bekend als doctrinair liberaal en antiklerikaal.<\/p>\n<p><strong>Maurice Gorrissen<\/strong><\/p>\n<p>Maurice werd geboren in Ieper op 2 april 1856. \u00a0Hij werd kandidaat in de rechten aan de Universit\u00e9 Libre de Bruxelles (ULB) op 30.7.1875. \u00a0Op 20.10.1883 trad hij in dienst als gemeentesecretaris van Ieper. \u00a0Hij was gehuwd met Catharina-Mathilde Colignon (\u00b0Wuustwezel, 1848). \u00a0Als gemeentesecretaris bleef hij in dienst tot in 1908 en in 1909 werd hem de eretitel van het ambt verleend. \u00a0Gedurende die 25 jaar heeft hij vier burgemeesters gediend. \u00a0Op nationaal regeringsvlak heeft van 1848 tot 1884 het liberalisme het Belgische politieke leven gedomineerd. \u00a0We hoeven hier de geschiedenis van de clerico-liberale strijd, met als berucht hoogtepunt de schoolstrijd (1878-1884), niet over te doen. \u00a0In ieder geval leden de liberalen in 1884 een zware verkiezingsnederlaag die hen meer dan dertig jaar van de macht zou houden. \u00a0Uiteraard werd Maurice Gorrissen aangesteld onder een liberaal gemeentebestuur en dat gebeurde onder Louis Van Heule, liberaal burgemeester van 1875-1888. \u00a0Van 1888-1891 was Hector Bossaert liberaal burgemeester van Ieper. \u00a0De gemeentesecretaris zorgt voor de continu\u00efteit van het bestuur en de gemeenteraad herbenoemde hem bij het aantreden van Arthur Surmont de Volsberghe (1837-1906), katholiek gemeenteraadslid en burgemeester van 1891-1900. \u00a0Hij genoot eveneens het vertrouwen van diens opvolger Ren\u00e9 Colaert (1848-1927), burgemeester voor de Katholieke Partij van 1900-1927 (4). \u00a0Men kan bezwaarlijk een goed functionerend en loyaal ambtenaar ontslaan om louter ideologische redenen. \u00a0Nochtans moet men in Ieper goed geweten hebben waarvoor hun gemeentesecretaris stond; hij was immers ook secretaris-schatbewaarder van de Rijksmiddelbare Scholen van Ieper en Poperinge. \u00a0In het schoolbestuur werden altijd bij K.B. een aantal gemeenteraadsleden benoemd voor een mandaat van drie jaar, naast de leden buiten de raad. \u00a0Een duidelijk engagement vormden zijn activiteiten binnen het Willemsfonds. \u00a0Bij de stichting van het Willemsfonds in Ieper in 1884 werd hij secretaris-penningmeester en in 1885 de eerste bibliothecaris (5) van de Willemsfondsbibliotheek, toen gevestigd in de &#8220;Gouden Arend&#8221;, het lokaal van de afdeling (6). \u00a0In de kranten van zijn tijd vonden we over hem geen ideologisch getinte berichten; hij hield zich aan zijn onpartijdigheid als gemeentesecretaris (7).<\/p>\n<p><strong>Maurice Gorrissen, vrijmetselaar<\/strong><\/p>\n<p>Voor Maurice\u00a0Gorrissen weten we de precieze inwijdingsdatum, omdat het vermeld wordt in de lijkrede. \u00a0Hij werd bij La Flandre ingewijd op 27 november 1885, dat is vier jaar na de oprichting in 1881. \u00a0De Belgische vrijmetselarij was toen nog maar recent een andere weg ingeslagen. \u00a0Het Grootoosten van Belgi\u00eb (G.O.B.) had in 1871 voor de loges de aanroeping van de <em>Opperbouwmeester van het Heelal<\/em> en het geloof in de onsterfelijkheid van de ziel niet meer verplicht gesteld. \u00a0Het Grand Orient de France zou in 1877 dit voorbeeld volgen. \u00a0Het G.O.B. wijzigde in 1872 zijn statuten, waarvan artikel 1 luidt: &#8220;De vrijmetselarij, kosmopolitische en vooruitstrevende instelling, heeft tot doel het zoeken naar waarheid en de vervolmaking van de mensheid. \u00a0Ze steunt op vrijheid en verdraagzaamheid, ze formuleert geen enkel dogma noch beroept zich op welkdanige leerstelling ook. \u00a0Zij vraagt aan hem die zich ter inwijding aanbiedt, een eerlijk man te zijn, voldoende verstandelijk begaafd om de ma\u00e7onnieke principes te begrijpen en te verspreiden&#8221;. \u00a0De Ieperse vrijmetselaarsloge &#8220;Amicitia&#8221; (1838-1854) verdween in 1854 maar bij de oprichting van La Flandre werd besloten om in Ieper een &#8220;Cercle Fraternel&#8221; op te richten. \u00a0Deze Broederkring stond onder de bescherming van La Flandre om een vestiging van een nieuwe loge te stimuleren (8). \u00a0Maurice Gorrissen zou er later de drijvende kracht worden. \u00a0La Flandre vergaderde toen nog niet in het lokaal van de Beenhouwersstraat 2 te Brugge, dat pas in 1901 werd aangekocht door de industri\u00eblen Honor\u00e9 De Swarte (1869-1926) en Alfred de Brouck\u00e8re (1873-1947), beiden lid van La Flandre\u00a0en schenkers van dit onroerend goed. \u00a0In 1885 hield men nog zitting in het huis Riddersstraat 18 dat eigendom was van Jean-Fran\u00e7ois De Coninck, een majoor op rust en lid van La Flandre. Die woning moet tamelijk ruim geweest zijn want op 27.6.1902 verkregen de eigenaars (de familie\u00a0De Coninck) van het Brugs stadsbestuur toelating om de Riddersstraat 18 af te breken en door drie nieuwe woningen te vervangen (9), nu de nummers 20, 22 en 24. \u00a0In die tijd vergaderde de loge elke tweede woensdag en vierde vrijdag van de maand om 19.30 u. \u00a0In 1881 telde La Flandre\u00a064 leden, in 1885 waren dit er 93. \u00a0Er vonden dat jaar 12 inwijdingen plaats, onder wie deze van Maurice Gorrissen. \u00a0Na zijn pensionering als gemeentesecretaris van Ieper kwam hij in Brugge wonen op het adres Kruitenbergstraat 19. \u00a0Hij moet een gerespecteerd logelid geweest zijn, want op 10 mei 1924 werd de &#8220;secr\u00e9taire communal honoraire&#8221; stichtend lid van de vzw La Flandre. \u00a0Het onroerend goed in de Beenhouwersstraat 2 werd toen door Honor\u00e9\u00a0De Swarte en Alfred de Brouck\u00e8re in volle eigendom en zonder tegenwaarde geschonken aan de a.s.b.l. La Flandre (volgens de nieuwe wet van 27.6.1921). \u00a0De voorzitter werd Albert Thooris (1860-1942), advocaat en liberaal volksvertegenwoordiger (1904-1912), een ancien die Achtbare Meester (voorzitter) was in 1907-1908, 1919-1922 en nadien nog eens in 1930-1931. \u00a0Secretaris werd Prosper De Cloedt (1880-1962), ondernemer en senator voor de liberale partij (1923-1925), een belangrijk mecenas voor de werkplaats. \u00a0De penningmeester was Ernest Callebout (1887-1952), de architect van de neo-egyptische tempel in 1911-1912. \u00a0Deze Brugse architect en beeldhouwer woonde toen in Sint-Andries-Brugge. \u00a0Na een kortstondige ziekte overleed Maurice Gorrissen in Brugge op 22 september 1924. \u00a0Hij heeft zijn expertise kunnen leveren bij de oprichting van de vzw maar niet voor lange duur.<\/p>\n<p><strong>Edouard Everaerts als lijkredenaar<\/strong><\/p>\n<p>Maurice Gorrissen werd begraven op de stedelijke begraafplaats van Ieper waar de lijkrede werd gehouden door Edouard Everaerts (\u00b0 20.1.1865 &#8211; + 1944), een broeder van La Flandre. Die was op dat ogenblik directeur van het Scheikundig Laboratorium van Oostende en was in die stad gemeenteraadslid van 1.1.1912 tot 1.12.1919. \u00a0Die lijkrede werd uitgegeven en we citeren enkele passages &#8220;\u2026Attir\u00e9 par la beaut\u00e9 de notre Ordre, Maurice Gorrissen \u00e9tait venu \u00e0 la Ma\u00e7onnerie depuis pr\u00e8s de 40 ans. Re\u00e7u \u00e0 la Loge de Bruges le 27 novembre 1885, il s\u2019\u00e9tait d\u00e8s le d\u00e9but concili\u00e9 l\u2019amiti\u00e9 fervente et la sympathie de ses Fr\u00e8res\u2026&#8221;. \u00a0Edouard Everaerts werd op 1.9.1918 ingewijd in de tijdelijke Belgische loge &#8220;La Belgique&#8221; in Parijs. \u00a0Zijn meesterverheffing vond door de oorlogsomstandigheden van 1914-1918 pas plaats bij La Flandre op 2.3.1923 (10). \u00a0Hij had een dubbellidmaatschap. \u00a0Van 1930-1932 werd hij de eerste Achtbare Meester (voorzitter) van de gemengde loge &#8220;Aurore&#8221; (Droit Humain) in Brugge, die eveneens een onderkomen vond in de Beenhouwersstraat 2. \u00a0In 1931 hield hij ook de ma\u00e7onnieke lijkrede op de centrale begraafplaats van Brugge bij het overlijden van Albert Dyserynck (1872-1931), de voorzitter van Club Brugge die met de auto was verongelukt in Donk-Sijsele (11). \u00a0Was hij de favoriete spreker van La Flandre\u00a0bij dergelijke gelegenheden ? \u00a0Op die manier hoefde de zittend Achtbare Meester niet in het openbaar op te treden (12). \u00a0Het was tot 1938 heel gewoon dat er door een vrijmetselaar een lijkrede werd gehouden bij het graf van een gestorven broeder. \u00a0De tekst werd dan achteraf, geheel of gedeeltelijk, gepubliceerd in de lokale krant. \u00a0De liberale pers schonk daar natuurlijk eerder aandacht aan dan de katholieke. \u00a0In januari en februari 1938 publiceerde de redactie van La Libre Belgique, vergiftigd door extreem rechts, de namenlijsten van de Belgische vrijmetselaars. \u00a0De Gestapo (Geheime Staatspolizei) deed daar tijdens W.O. II zijn voordeel mee. \u00a0Die verklikking, gebaseerd op onverdraagzaamheid, onbegrip en onwetendheid, betekent tot op de dag van vandaag dat er geen openbare ma\u00e7onnieke lijkredes meer gehouden worden.<\/p>\n<p><strong>Besluit<\/strong><\/p>\n<p>Reeds vroeger wezen we op de nauwe wisselwerking die er in de tweede helft van de 19<sup>de<\/sup> eeuw bestond tussen het Willemsfonds en de vrijmetselarij (13). \u00a0Dat was o.m. duidelijk het geval met Julius Sabbe (1846-1910). \u00a0Ook Maurice\u00a0Gorrissen werd via het Willemsfonds daartoe aangetrokken. \u00a0Door de gunstige ligging van het Brugse station op \u2019t Zand waren de spoorwegverbindingen dusdanig goed dat ook iemand die buiten Brugge woonde, de loge makkelijk kon bereiken. Dat gold zeker voor Blankenberge, waar veel leden woonden, maar kennelijk was ook Ieper niet onoverkomelijk zolang de loge &#8220;L\u2019Amiti\u00e9&#8221; in Kortrijk niet was herstart. \u00a0Dat gebeurde o.m. met de steun van La Flandre\u00a0in 1906 (14) en ook daar zien we dat de leden uit de omliggende plaatsen kwamen. \u00a0Maurice Gorrissen bleef trouw aan La Flandre\u00a0en affilieerde niet bij L\u2019Amiti\u00e9 in Kortrijk. \u00a0Honor\u00e9 De Swarte kwam uit Nieuwpoort en Alfred de Brouck\u00e8re uit Roeselare. \u00a0La Flandre steunde in de beginjaren meer op externe Brusselaars dan Bruggelingen. \u00a0In zijn geheel kan men ook voor de volgende jaren eerder spreken over een West-Vlaamse loge dan een exclusief Brugse loge. \u00a0Het was niet evident om zich in de bisschopsstad van toen kenbaar te maken als vrijmetselaar. Daarvoor was La Flandre te veel een strijdloge met tegenover zich een uiterst fanatieke tegenstrever.<\/p>\n<p>Willy Dezutter<\/p>\n<p>Noten<\/p>\n<ol>\n<li>Willy Dezutter, Auguste Liebaert (1856-1927) op bezoek in de Brugse vrijmetselaarsloge La Flandre in 1882. \u00a0Vrijmetselaarsloges in Brugge in de 19<sup>de<\/sup> eeuw (1803-1881) in: Biekorf, (2015), 1, p. 79-87.<\/li>\n<li>Andr\u00e9 Joris, Fr\u00e9deric Gorrissen, in: Biographie Nationale,t.XXXVII, supplement tome neuvi\u00e8me, Brussel, 1971-1972, kol. 343-347.<\/li>\n<li>Willy Dezutter, Fr\u00e9d\u00e9ric Gorrissen-Lucie Clynckemaille (Ieper 1853), in: Biekorf (2016) \u2026<\/li>\n<li>De aanstelling van burgemeester R. Colaert wordt ruim beschreven in \u2018t Nieuwsblad van Yper en Ommelands van zaterdag 24 februari 1900;<\/li>\n<li>Natuurlijk sprak men toen nog over schrijver-schatbewaarder en de boekbewaarder van de volksboekerij.<\/li>\n<li>Willy Denolf, Ieper 100 jaar Willemsfonds. Korte historische schets van het Willemsfonds te Ieper. <a href=\"http:\/\/www.erfgoedkring-ernestschepens.be\/ieper\/wf\/-ieper-historiek\">erfgoedkring-ernestschepens.be\/ieper\/wf\/-ieper-historiek<\/a> pdf.<\/li>\n<li>We doorliepen daarvoor &#8220;De Weergalm. Volksgezind weekblad der Vrijzinnige Vereeniging van Yper en het Arrondissement&#8221;. \u00a0De Weergalm verscheen van 1904-1914, uitgever drukkerij E. Lambin-Math\u00e9e, Dixmudestraat 53, Yper. \u00a0<a href=\"http:\/\/www.historischekranten.be\/issue\/DWE\">historischekranten.be\/issue\/DWE<\/a>\u00a0 Idem voor Le Progr\u00e8s. \u00a0Journal de l\u2019Alliance lib\u00e9rale d\u2019Ypres et de l\u2019 Arrondissement. \u00a0E. Lambin-Math\u00e9e was lid van het Willemsfonds in Ieper. \u00a0Deze drukker-boekhandelaar had ook een &#8220;groote keus van kerkboeken aan zeer goedkope prijzen&#8221;. \u00a0Advertentie Le Progr\u00e8s 22.4.1888. \u00a0Deze krant verscheen op donderdag en zondag van 1841-1914. \u00a0Er bleef maar een beperkt aantal exemplaren bewaard dus vonden we niet alles terug dat ons kon aanbelangen.<\/li>\n<li>Paul Vandenbussche, De Ieperse vrijmetselaarsloge &#8220;Amicitia&#8221; (1838-1854),1987, p. 47.<\/li>\n<li>Stadsarchief Brugge, Bouwvergunning nr. 97 voor het jaar 1902. \u00a0Zie: W.P. Dezutter en E.J. Trips, Van blauwververij tot logegebouw,\u00a0in: Brugs Ommeland,1994, 2, p.71.<\/li>\n<li>Archief La Flandre, Brugge. Ledenregister.<\/li>\n<li>Les fun\u00e9railles de M. Albert Dyserynck. Journal de Bruges, 15-16 febr. 1931.<\/li>\n<li>Bij de ma\u00e7onnieke rouwhulde in het logegebouw zelf wordt de lijkrede gehouden door de Redenaar.<\/li>\n<li>Willy Dezutter, op.cit. Biekorf (2015), 1, p. 79-87.<\/li>\n<li>Jeffrey Tyssens en Dominiek Dendooven (red.), De Heeren Broederkes van den moortelbak. 250 jaar vrijmetselarij in West-Vlaanderen. Brussel, 2015, vooral p. 63-66. De &#8220;Cercle Fraternel&#8221; in Ieper werd overgenomen door Kortrijk.<\/li>\n<\/ol>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>De offici\u00eble installatie van de Brugse vrijmetselaarsloge La Flandre (Grootoosten van Belgi\u00eb) vond plaats op 4 juni 1881 (1). \u00a0Afgezien van de initiatieke doelstelling lag het voor de hand dat er gestreefd werd naar een liberaal kiesplatform. \u00a0De Belgische continentale vrijmetselarij staat in een totaal andere traditie dan de Engelse variant, die zich opwerpt als [&hellip;]<\/p>\n","protected":false},"author":3,"featured_media":0,"comment_status":"closed","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"footnotes":""},"categories":[14],"tags":[258,259,256,18,255,252,254,248,251,257,249,260,180,250,253,219],"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/willydezutter.be\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts\/581"}],"collection":[{"href":"https:\/\/willydezutter.be\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/willydezutter.be\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/types\/post"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/willydezutter.be\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/users\/3"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/willydezutter.be\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Fcomments&post=581"}],"version-history":[{"count":7,"href":"https:\/\/willydezutter.be\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts\/581\/revisions"}],"predecessor-version":[{"id":641,"href":"https:\/\/willydezutter.be\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts\/581\/revisions\/641"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/willydezutter.be\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Fmedia&parent=581"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/willydezutter.be\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Fcategories&post=581"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/willydezutter.be\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Ftags&post=581"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}