{"id":866,"date":"2019-07-11T08:43:27","date_gmt":"2019-07-11T07:43:27","guid":{"rendered":"http:\/\/willydezutter.be\/?p=866"},"modified":"2020-06-08T19:57:19","modified_gmt":"2020-06-08T18:57:19","slug":"van-museum-van-folklore-naar-stedelijk-museum-voor-volkskunde-een-brugse-metamorfose-met-hindernissen-1936-tot-1972-en-1973-tot-1980-1989-en-2003","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/willydezutter.be\/?p=866","title":{"rendered":"Van Museum van Folklore naar Stedelijk Museum voor Volkskunde.  Een Brugse metamorfose met hindernissen: 1936 tot 1972 en 1973 tot 1980, 1989 en 2003."},"content":{"rendered":"<p>Het eerste museum in Brugge dat zich ook over volkskundige objecten ontfermde was het in 1865 opgerichte Gruuthusemuseum (1). \u00a0In 1911 deed Robert Coppieters \u2019t Wallant (1871-1955) in de schoot van het Oudheidkundig Genootschap (<em>Soci\u00e9t\u00e9 d\u2019Arch\u00e9ologie<\/em>), dat het Gruuthusemuseum beheerde, een voorstel tot oprichting van een folkloremuseum. \u00a0Wegens de vrees voor dubbel gebruik ging dat toen niet door (2). \u00a0R. Coppieters stelde voor om eerst over te gaan tot oprichting van een vereniging om dat doel te kunnen realiseren. \u00a0Zo is het in feite altijd gegaan: eerst was er een vereniging die een tijdelijke tentoonstelling organiseerde en enige tijd later kwam dan het museum.<\/p>\n<p>De grote pionier van de materi\u00eble volkskunde in Walloni\u00eb, Charles-Jacques Comhaire (1869-1931), stichtte eerst <em>Les Amis du Vieux-Li\u00e8ge<\/em> (op 4 mei 1895) en op 4 november 1895 kon het Folkloremuseum al geopend worden in de rue Agimont 14 in Luik in een bijgebouw van het huis waar de vereniging zijn vergaderlokaal had (3). \u00a0Helaas was dit museum geen lang leven beschoren; het verdween reeds in 1905. \u00a0De collecties vormden later wel de kern van het toekomstig <em>Mus\u00e9e de la Vie Wallonne<\/em> in Luik dat echter pas werd geopend in 1930 (4). \u00a0In Antwerpen ging het via dezelfde beproefde methode: eerst was er de vereniging <em>Conservatoire de la Tradition Populaire Flamande<\/em> (in 1901) gevolgd door een <em>Tentoonstelling van voorwerpen van volkskunst, volksnijverheid en volksgebruik<\/em> in het Gerechtshof van Brussel van 21 maart tot 21 april 1903 en tenslotte als culminatie de opening van het Folkloremuseum in Antwerpen op 18 augustus 1907 (5). \u00a0In Gent, dat het voorbeeld voor Brugge zal worden, werd een gelijkaardig parcours afgelegd. \u00a0Daar werd op 2 mei 1926 de <em>Bond der Oostvlaamsche Folkloristen<\/em> opgericht; twee maand later verscheen het eerste nummer van hun tijdschrift <em>Oostvlaamsche Zanten<\/em>. \u00a0In 1927 organiseerden ze tijdens de Gentse Feesten met overweldigend succes een Folkloretentoonstelling. \u00a0Er volgde sindsdien elk jaar (in 1928, 1929 en 1930) een expositie om de aandacht te vestigen op de noodzaak van een museum. \u00a0Dat kwam er uiteindelijk in de oude kerk van de Geschoeide Karmelieten op de hoek van de Langesteenstraat en Vrouwebroersstraat. \u00a0Dit <em>Museum voor Folklore<\/em> werd geopend op 16 juli 1932 (6).<\/p>\n<p><strong>De stichting van de <em>Bond der Westvlaamsche Folkloristen<\/em><\/strong><\/p>\n<p>De periode 1900-1930 wordt beschouwd als een kalme periode voor de volkskunde-beoefening in West-Vlaanderen (7). \u00a0Die volgde op een periode van massale materiaalverzameling ontstaan rond de tijdschriften <em>Rond den Heerd<\/em> (1865-1902) en <em>Biekorf<\/em> (1890). \u00a0Na 1930 kon een hernieuwde belangstelling voor de volkskunde in West-Vlaanderen waargenomen worden. \u00a0In deze fase ontstond er ook weer interesse voor de materi\u00eble volkscultuur.<\/p>\n<p>Hoe het in Brugge verder allemaal in zijn werk gegaan is, hebben we nauwkeurig kunnen reconstrueren op basis van bewaard gebleven archivalia en de verklaringen van twee stichtende leden (8). \u00a0De kunstschilder Flori Van Acker (1858-1940), directeur van de Academie voor Schone Kunsten (1910-1926) in Brugge is van grote betekenis geweest voor de kunstenaars-loopbaan van Guillaume Michiels (Brugge 27.12.1909 &#8211; Brugge 27.3. 1997) maar daarnaast heeft hij zijn pupil ook in aanraking gebracht met het studiedomein van de volkskunde. \u00a0Dit gebeurde tijdens een achtdaagse studiereis naar Antwerpen waar Flori Van Acker zijn 18-jarige leerling liet kennismaken met de verzamelingen van het Museum voor Folklore. \u00a0Dit maakte een diepe indruk op de jonge bezoeker en vanaf dat ogenblik speelde in hem de gedachte om iets dergelijks in zijn geboortestad te verwezenlijken. Bijna tien jaar later hield de oprichting van een Brugs Folkloremuseum hem nog steeds bezig en tijdens een fietstocht die in 1936 door de Vlaamse Toeristenbond werd ingericht sprak hij daarover met Evarist Van Heulenbrouck (1898-1997) die op zijn beurt contact opnam met Karel De Wolf (Brugge 1883 &#8211; Sint Michiels 1948), de bekende apotheker van <em>In den Cleynen Thems<\/em>\u00a0in de Zuidzandstraat. Het idee viel in goede aarde en eind 1936 werd in het bekende caf\u00e9 <em>Vlissinghe<\/em> in de Blekersstraat, een eerste vergadering belegd (9).<\/p>\n<p>Antwerpen en Gent hadden bewezen dat het organiseren van een volkskundige tentoonstelling een goede aanloop betekende voor de oprichting van een museum. Als samenwerkende organisatie werd in november 1936 de <em>Bond der Westvlaamsche Folkloristen<\/em> gesticht. \u00a0Per 1 januari 1937 begon de feitelijke werking, terwijl de statuten verschenen in het Staatsblad van 22 oktober 1938. \u00a0De stichtende leden van deze vzw, van wie de namen in het Staatsblad verschenen, waren in alfabetische volgorde: Paul Allosery (1875-1943 &#8211; sinds 1926 conservator G. Gezellemuseum), Walter Bossier, Omaar Daveloose, Karel De Wolf, Guillaume Michiels, Jules Pollet, Egied Strubbe, Evarist Van Heulenbrouck en Antoon Verwaetermeulen. \u00a0Karel De Wolf (10) werd hoofdman (voorzitter), ondervoorzitter was A. Verwaetermeulen, griffier (secretaris) E. Vanheulenbrouck, schatbewaarder (penningmeester) Jules Pollet en Guillaume Michiels (11) werd conservator van het museum in wording. \u00a0Vanaf januari 1937 begon men met de ledenwerving en bij de allereerste \u201cdeelgenoten\u201d (statuten, art. 5) noteren we de namen van Jos De Smet (1898-1972) archivaris Rijksarchief Brugge, architect Firmin Koentges, kunsthistorica Magda Selschotter, kunstschilder Flori Van Acker, J.R.W. Sinninghe (12) en Achiel Van Acker, de latere Eerste Minister. \u00a0In maart 1937 ging men van start met de voorbereiding voor de grote Folkloretentoonstelling die van 27 maart tot 11 april tijdens de paasperiode zou plaatsvinden in de Concertzaal (Boterhuis) in de Sint-Jacobsstraat.<\/p>\n<div id=\"attachment_876\" style=\"width: 2010px\" class=\"wp-caption aligncenter\"><a href=\"http:\/\/willydezutter.be\/wp-content\/uploads\/2019\/07\/BRU001006563.jpeg\"><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" aria-describedby=\"caption-attachment-876\" class=\"wp-image-876 size-full\" src=\"http:\/\/willydezutter.be\/wp-content\/uploads\/2019\/07\/BRU001006563.jpeg\" alt=\"\" width=\"2000\" height=\"1452\" srcset=\"https:\/\/willydezutter.be\/wp-content\/uploads\/2019\/07\/BRU001006563.jpeg 2000w, https:\/\/willydezutter.be\/wp-content\/uploads\/2019\/07\/BRU001006563-300x218.jpeg 300w, https:\/\/willydezutter.be\/wp-content\/uploads\/2019\/07\/BRU001006563-768x558.jpeg 768w, https:\/\/willydezutter.be\/wp-content\/uploads\/2019\/07\/BRU001006563-1024x743.jpeg 1024w, https:\/\/willydezutter.be\/wp-content\/uploads\/2019\/07\/BRU001006563-624x453.jpeg 624w\" sizes=\"(max-width: 2000px) 100vw, 2000px\" \/><\/a><p id=\"caption-attachment-876\" class=\"wp-caption-text\">Groepsportret organisatoren en personaliteiten Folkloretentoonstelling 27 maart-11 april 1937 in Stedelijk Concertgebouw (Sint-Jacobsstraat). V.l.n.r. Alfons De Groeve, gemeenteraadslid, Jules Pollet, Guillaume Michiels, schepen Louis Ryelandt, hoofdman Karel De Wolf, burgemeester Victor Van Hoestenberghe, VNV-volksvertegenwoordiger Jef De Vroe, Evarist Vanheulenbrouck, Prof.dr. Paul De Keyser (Gent), F. Van Es (Bond Oostvlaamse Volkskundigen, Gent). Bron: Beeldbank Brugge.<\/p><\/div>\n<p>Het rondschrijven van 19 maart aan het bestuur van alle \u201cvolksmaatschappijen\u201d miste zijn effect niet en samen met de bruiklenen van de bestuursleden bracht men een ongemeen rijk geheel samen. Men liet ook niets onverlet om de tentoonstelling bij de Brugse bevolking bekend te maken. Hoofdman K. De Wolf stuurde er de \u201cuitklinker\u201d of belleman op uit. Die ontving voor een halve dag werken een vergoeding van 40 frank. \u00a0Men mikte ook op de Engelse toeristen die in deze paasperiode Brugge aandeden. \u00a0Men verspreidde een groot aantal Engelstalige reclameblaadjes met de tekst: &#8220;English Visitors. Pay a visit to the Flemish Folklore exhibition. St. Jacobsstraat&#8221; met de vermelding van de openingsuren. \u00a0De toegangsprijs voor de tentoonstelling bedroeg 1 frank. \u00a0Op zaterdag 27 maart 1937 vond de plechtige opening plaats in aanwezigheid van burgemeester V. van Hoestenberghe (1868-1960) en andere overheidspersonen. \u00a0De Gentse Bond was o.m. vertegenwoordigd door prof. dr. Paul De Keyser (1891-1966), \u00e9\u00e9n van de eerste academisch geschoolde volkskundigen. \u00a0In afwachting van een geschikt museumlokaal ging men verder met de werking van de Bond. \u00a0Eind 1937 verscheen<em> \u2019t Beertje\u00a0I<\/em>, 1938 de <em>Volkskundige Almanak.<\/em> De redactie van <em>\u2019t Beertje I<\/em>, 1938,II 1939 en III, 1940 berustte bij Karel De Wolf. (13). \u00a0Kunstschilder G. Michiels ontwierp de omslagpagina en het boekje werd gedrukt bij bestuurslid O. Daveloose. \u00a0Het door Michiels ontworpen vignet prijkte ook op de briefomslagen. \u00a0In 1938 ging men ook van start met \u201cFolklore-avonden\u201d. \u00a0Bij het uitbreken van de oorlog in 1940 hield \u2019t Beertje op te verschijnen. Nummer IV, 1945 verscheen in een nieuw kleedje onder de redactie van Herv\u00e9 Stalpaert (1914-1981), sinds 1942 lid van de Bond (14).<\/p>\n<p><strong>Het museum van Folklore (15): een lijdensweg<\/strong><\/p>\n<p>Het stadsbestuur had weliswaar de Concertzaal gratis ter beschikking gesteld voor de tijdelijke tentoonstelling en gaf een werkingstoelage van 1.000 frank (16), maar een vast museumlokaal kon het voorlopig niet ter beschikking stellen. \u00a0Veel van de Folkloretentoonstelling, die grote weerklank kende (17), was teruggekeerd naar de eigenaars maar als kerncollectie bleef er toch voldoende over om in 1937-1938 de expositie te bestendigen als permanente tentoonstelling in de Concertzaal. \u00a0De Bond betaalde daarvoor een vergoeding aan Camiel Gezelle, conci\u00ebrge van het Concertgebouw en gepensioneerd politieagent.<\/p>\n<p>Op 28 september 1938 liet het College van Burgemeester en Schepenen aan hoofdman K. De Wolf weten dat men met ingang van 1 november 1938 zou kunnen beschikken over de Schermzaal op de eerste verdieping van de Halletoren. <em>Een bestendig museum nagelvaste in den linkeren vleugel van de Brugsche Hallen<\/em>, zoals in \u2019t Beertje van 1939 te lezen staat. \u00a0De Bond moest jaarlijks een huurprijs van 200 frank betalen en ook de verlichtings- en verwarmingskosten waren voor hun rekening. \u00a0Op 9 januari 1939 vond de verhuizing plaats. \u00a0In mei van hetzelfde jaar ontving men van de Provincie West-Vlaanderen een toelage van 10.000 frank, voor die tijd een mooi bedrag. \u00a0De inrichting van het Museum van Folklore, zoals het toen genoemd werd, kon beginnen. \u00a0Conservator Michiels <em>schikte de verzamelingen met veel geduld, kennis en goede smaak, volgens de alsdan geldende museumnormen in afzonderlijke ruimten van een keuken, winkel en herberg<\/em>. \u00a0Zo formuleerde H. Stalpaert het in \u2019t Beertje van 1974 (18). Op 1 juli 1939 werd het museum in het Belfort officieel geopend. \u00a0De gelegenheidstoespraak werd gehouden door ondervoorzitter Antoon Verwaetermeulen (1870-1949), die reeds in 1890 meewerkte aan het tijdschrift Biekorf van G. Gezelle. \u00a0Burgemeester V. van Hoestenberghe was niet op deze plechtigheid aanwezig in tegenstelling tot provinciegouverneur H. Baels (19). \u00a0Namens het Stadsbestuur werd het woord gevoerd door schepen Leonce De Schepper.<\/p>\n<p>Het waren slechte tijden om met een nieuw museum van start te gaan want twee maanden later op 26 augustus 1939 werd de mobilisatie afgekondigd en op 23 mei 1940 drongen de Duitse troepen de stad binnen. De Schermzaal werd opge\u00ebist door het Belgisch Leger en de collecties werden ondergebracht op de zolder van hetzelfde lokaal. \u00a0In 1943 eisten de Duitsers ook die zolders op zodat op een paar dagen tijd alles diende verhuisd te worden naar de kelders van het Rijksarchief in de Academiestraat. Rijksarchivaris Rijkaart De Witte en archivaris Joseph De Smet, beiden lid van de Bond sinds februari 1937, verleenden graag die gastvrijheid. \u00a0In 1941 gaf Karel De Wolf om gezondheidsredenen ontslag als hoofdman van de Bond. \u00a0De beheerraad verkoos bij algemeenheid van stemmen prof. dr. Egied I. Strubbe (1897-1970) als nieuwe hoofdman (20) en Karel De Wolf (2.5.1883- 10.9.1948) kreeg de titel van ere-hoofdman. \u00a0In de bestuursvergadering van 5 augustus 1941 werden vier nieuwe leden benoemd, nl. A. Maertens, pastoor van de Potterie, Magdalena Cafmeyer, G.P. Baert en A. Schouteet. \u00a0In 1943 werd de beheerraad sterk verruimd (21) en telde in totaal 16 leden nl. E. Strubbe, K. De Wolf, E. Vanheulenbrouck, J. Pollet, G. Michiels, W. Bossier, O. Daveloose, A. Verwaetermeulen, J. Vandenberghe (22), G.P. Baert, M. Cafmeyer, L. Defraeye, A. Schouteet, H. Stalpaert, J. Fonteyne (23) en J. Filliaert. \u00a0Die \u201cPoolse landdag\u201d bleek misschien toch niet zo werkbaar.<\/p>\n<p>Op de jaarlijkse algemene vergadering van 14 oktober 1945 (dus n\u00e1 de bevrijding) nam de beheerraad collectief ontslag en werd een nieuw sterk afgeslankt bestuur verkozen bestaande uit: M. Cafmeyer, K. De Wolf, G. Michiels, J. Pollet, A. Schouteet, H. Stalpaert, E. Strubbe, E. Vanheulenbrouck en A. Verwaetermeulen. \u00a0Inmiddels zitten we met onze geschiedenis in de naoorlogse periode. \u00a0Op 12 september 1944 werd Brugge bevrijd maar het duurde een hele tijd alvorens de lokalen in de Hallen weer ter beschikking gesteld konden worden aan de Bond. \u00a0Er waren ook verliezen geleden. \u00a0De letterkasten, geschonken door drukker O. Daveloose, werden in de verwarmingsketel van het Rijksarchief opgestookt. \u00a0Deze en nog andere verhuizingen zouden de verzamelingen heel wat schade toebrengen. \u00a0Op 24 juni 1946 vroeg het bestuur van de Bond aan het stadsbestuur om de Schermzaal weer in gebruik te mogen nemen. \u00a0Herinneringsbrieven zouden volgen en pas in 1948 stond men weer zover als in 1939. \u00a0Op 19 oktober 1947 was er weer een nieuw bestuur verkozen met als leden: Egied Strubbe, Herv\u00e9 Stalpaert, Jules Pollet, Maurits Van Coppenolle (lid sinds 1942), Lode Lagasse, Guillaume Michiels, Magda Cafmeyer en Albert Schouteet (24). \u00a0Maurits Van Coppenolle (1910-1955) was verkozen geworden zonder zelf zijn kandidatuur te stellen, hij vreesde namelijk dat andere verdienstelijke bestuursleden daarvan het slachtoffer zouden kunnen worden (25). \u00a0Evarist Vanheulenbrouck werd niet herkozen en M. Van Coppenolle (26) zal hem tegen wil en dank opvolgen als griffier. \u00a0Evarist Van Heulenbrouck was in Brugge de vertegenwoordiger van de Vlaamse Toeristenbond en was zelfs al landelijk betrokken bij het ontstaan in 1922. \u00a0De V.T.B. ontstond in de schoot van de Vlaamse Beweging en was de tegenhanger van de Franstalige Touring Club de Belgique. \u00a0We signaleren hier ook de oprichting van een Gidsenbond in Brugge in 1926. Maar bij al de hoger genoemden vonden wij geen sporen van het &#8220;Groot-Germaansche&#8221; gedachtengoed hoewel de volkskunde voor en tijdens W.O. II wel degelijk besmet geraakte (27). \u00a0 Jef Devroe (1905-1976), sinds 1936 VNV-volksvertegenwoordiger, haastte zich wel om op de foto te staan (zie afb.1) bij de opening van de tentoonstelling in 1937. \u00a0In 1941 werd hij oorlogsburgemeester van Brugge en realiseert in 1942 Groot-Brugge. \u00a0Maar op dezelfde foto staat ook het katholiek gemeenteraadslid Alfons De Groeve (1885-1945), die met zijn uitgeverij Kerlinga in 1913 de uitgever van Cyriel Verschaeve was. \u00a0Op 6 november 1948 was het eindelijk weer zo ver: de heropening van het museum door gouverneur ridder P. van Outryve d\u2019Ydewalle (1912-1997). \u00a0Het was een sobere plechtigheid. \u00a0Het museum was nog maar goed en wel op zijn plooi of in 1950-1951 diende er alweer tijdelijk verhuisd en versleept te worden wegens restauratie- en opfrissingswerken in de Hallezalen (28).<\/p>\n<p><strong>De staatsgreep<\/strong><\/p>\n<p>Het jaar 1951 is tevens het jaar van de tweede &#8220;staatsgreep&#8221;. \u00a0Op 14 oktober 1951 vond de verkiezing plaats van vier bestuursleden. \u00a0Door een combine werd conservator G. Michiels niet herkozen (29). \u00a0De nieuwe raad van beheer zag er uit als volgt: M. Cafmeyer, J. Fraeyman (30), L. Lagasse, A. Lowyck (lid sinds 1947), J. Pollet (31),H. Stalpaert, E. Strubbe, M. Van Coppenolle en A. Viaene, lid sinds 27 december 1945. \u00a0Antoon Viaene was de grote coryfee van het tijdschrift Biekorf (32). \u00a0Lode Lagasse, reeds sinds 1947 in het bestuur, was kabinetschef van de Gouverneur en kon als de afgevaardigde van het Provinciebestuur beschouwd worden die subsidiegever was. \u00a0Het Folkloremuseum heeft van in het begin altijd provinciale aspiraties gehad (33), men streefde in feite naar een West-Vlaams Folkloremuseum dus een Provinciaal Museum voor Volkskunde, gevestigd in de provinciehoofstad. \u00a0Dat blijkt ook uit de samenstelling van de Raad van Beheer bijv. met Juul Filliaert (Nieuwpoort 1890-Oostende 1948), Gaston P. Baert (Deinze 1895 &#8211; Hasselt 198 &#8211; de Leiestreek) en Leon Defraeye (Deerlijk 1899 &#8211; Deerlijk 1977).<\/p>\n<p>De toelage van de Provincie bedroeg in 1948 7.500 frank. \u00a0Dit bedrag werd in tegenstelling tot in 1939 nog nauwelijks aangewend voor museumdoeleinden. \u00a0De meeste uitgaven gebeurden voor het zogenaamde &#8220;Fotoarchief&#8221;. \u00a0H. Stalpaert beschikte over een fotoapparaat en legde daarmee een fotocollectie aan die altijd bij hem thuis is bewaard gebleven en (door slecht onderhandelen in 1972) nooit in het latere Stedelijk Museum voor Volkskunde terecht kwam.<\/p>\n<p>Omdat er voldaan werd aan de ambitie van \u00e9\u00e9n persoon ontstond er animositeit tussen G. Michiels en H. Stalpaert, iets dat jaren later nog zou afstralen op andere personen (34). \u00a0Conservator G. Michiels werd heel kort opgevolgd door de betreurde Maurits Van Coppenolle (1910-1955). \u00a0Dit menen wij in ieder geval te kunnen afleiden uit bewaard gebleven documenten waarop hij ondertekent als \u00a0&#8220;Conservator&#8221;. \u00a0Van 1952 tot 1972 was Magda Cafmeyer (1899-1983), lid van de Bond sinds 1939, conservatrice van het Folkloremuseum. \u00a0Gedurende twintig jaar heeft zij, zonder veel steun van de andere bestuursleden (35), de zaken op een bewonderenswaardige wijze beredderd.<\/p>\n<p>G. Michiels (36) is zijn eigen weg gegaan en oogstte groot succes met zijn publicaties en tentoonstellingen. We denken hierbij aan zijn drieledige studie &#8220;De Iconografie der Stad Brugge&#8221; (Brugge 1964-1968) en het 711 pagina\u2019s tellende boek &#8220;Uit de wereld der Brugse mensen. De fotografie en het leven te Brugge 1839-1918&#8221; (Brugge, 1978). \u00a0In 1973 vond hij terug aansluiting bij het nieuwe Stedelijk Museum voor Volkskunde. \u00a0Op 3 september 1994, op de vooravond van zijn 85<sup>ste<\/sup>verjaardag, bracht het stadsbestuur van Brugge hem een hulde en kreeg de tentoonstellingszaal van het museum zijn naam. \u00a0Bij gemeenteraadsbesluit van 28 juni 1994 werd een zeer belangrijke schenking van zijn verzamelingen in dank aanvaard (37). \u00a0Van 3 september tot 14 november 1994 vond een huldetentoonstelling plaats met een selectie van de nieuwe aanwinsten.<\/p>\n<p><strong>Nasleep<\/strong><\/p>\n<p>Op 27 november 1955 vond weer een statutaire vergadering plaats bij de Bond der Westvlaamse Folkloristen. \u00a0De raad van beheer werd als volgt samengesteld: G.P. Baert, M. Cafmeyer, Marcel Casteleyn (38), Georges Devos, J. Fraeyman, A. Lowyck, A. Mahieu (apotheker, medewerker Biekorf), H. Stalpaert, E. Strubbe en A.Viaene. \u00a0Door het overlijden van M. Van Coppenolle was de plaats vacant van secretaris; Georges Devos (1920-1985) nam zijn plaats in en was gedurende 30 jaar secretaris. \u00a0Prof. Strubbe zou hoofdman blijven van 1941 tot aan zijn overlijden in 1970. \u00a0Hij werd opgevolgd door H. Stalpaert (1914-1981). \u00a0De naam Bond van de Westvlaamse Folkloristen werd toen veranderd in Bond van de Westvlaamse Volkskundigen (B.W.V.). \u00a0In Oost-Vlaanderen was dat al gebeurd in 1962. \u00a0De opvolger van de B.W.V. heet nu Volkskunde West-Vlaanderen en gaf tot 2014\u00a0 het tijdschrift &#8220;Mengelmaren&#8221; uit, nu vervangen door een digitale Nieuwsbrief.<\/p>\n<p><strong>Het Stedelijk Museum voor Volkskunde (1972-1982)<\/strong><\/p>\n<p>Het Folkloremuseum op de Markt was in feite zeer slecht behuisd en in 1967 kon men voor het eerst aan een betere behuizing denken. \u00a0In dat jaar kocht de Stad Brugge van de toenmalige C.O.O. (Commissie van de Openbare Onderstand, later O.C.M.W.) de rij godshuizen aan genaamd <em>De Schoenmakersrente<\/em> gelegen in de Balstraat bij de Jeruzalemkerk (39). In 1965 had Andries Van den Abeele (later schepen van financi\u00ebn en monumentenzorg van 1972 tot mei 1977) de vereniging <em>Marcus Gerards<\/em> gesticht die veel bijdroeg aan de bewustmaking van stadsvernieuwing en monumentenzorg. \u00a0Tussen de B.W.V. en het stadsbestuur kwam het idee tot stand om aldaar het Museum van Folklore onder te brengen.<\/p>\n<p>De grote voortrekker was Fernand Traen (1930-2016), van 1965 tot mei 1977 de schepen van cultuur (40). \u00a0De plannen werden getekend in 1968 en gewijzigd in 1970. \u00a0Op 30 april 1970 vond de aanbesteding plaats; de restauratiewerken o.l.v. aannemer Arthur Vandendorpe, die puik werk afleverde, duurden van 4 januari 1971 tot 3 september 1972. \u00a0Inmiddels werd er ook een akkoord bereikt over de overname van de collecties. \u00a0De Stad Brugge verbond er zich toe om de Bond van West-Vlaamse Volkskundigen (B.W.V.) in ruil een jaarlijkse subsidie te geven als een soort afbetaling. \u00a0Bij gemeenteraadsbesluit van 16 februari 1973 werd de verzameling van de Bond overgedragen aan het stadsbestuur nadat het College van Burgemeester en Schepenen daartoe in principe reeds had besloten in zitting van 24 november 1972. \u00a0Op 1 februari 1973 werd Willy Dezutter (\u00b01946) aangesteld als adjunct-conservator, in 1980 bevorderd tot conservator en ging op 1 april 2007 met vervroegd pensioen (41). \u00a0Gedurende de periode 1971-1972 was het Folkloremuseum reeds gesloten wegens restauratiewerken aan het Belfort.<\/p>\n<p>Het was ook zaak om een nieuwe naam te kiezen voor het museum in de Balstraat. Valentin Vermeersch (toen conservator van het Gruuthusemuseum) stelde &#8220;De Schoenmakersrente&#8221; voor dat dan zou bestaan naast Gruuthuse en Groeninge. Een origineel idee maar de naam verklaarde te weinig waar het voor stond. \u00a0Wij wilden in de naamgeving, volgens de internationaal gangbare trend, de professionalisering benadrukken van folklore naar volkskunde (42) en zo werd er door de museumdirectie en het stadsbestuur gekozen voor Stedelijk Museum voor Volkskunde.<\/p>\n<p>Door het niet nemen van voldoende voorzorgsmaatregelen leden de verzamelingen van de B.W.V. heel wat schade. \u00a0Na de verhuizing naar de Balstraat kon de nieuwe opstelling beginnen. \u00a0Daarbij werd gekozen voor een fifty-fifty formule die bestaat uit reconstructies van een &#8220;levend&#8221; interieur en zalen met ge\u00ebxposeerde voorwerpen in vitrines. \u00a0Bij het verzamelen en exposeren van materi\u00eble getuigenissen moet er altijd groot belang gehecht worden aan het originele voorwerp. \u00a0Het museum is een driedimensionaal archief, kenniscentrum en ontspanningscentrum terzelfdertijd. \u00a0De interieurs in het museum werden door ons minutieus gereconstrueerd maar doelbewust opgevat als een sfeervolle evocatie in het besef dat de museumvoorwerpen nooit de werkelijkheid illustreren maar slechts de constructie zijn van een herinnering. \u00a0Het werd toen en later ondersteund door didactische panelen in moderne uitvoering (43) voor de wetenschappelijke onderbouw.<\/p>\n<div id=\"attachment_878\" style=\"width: 649px\" class=\"wp-caption alignnone\"><a href=\"http:\/\/willydezutter.be\/wp-content\/uploads\/2019\/07\/ALB_11_004.jpeg\"><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" aria-describedby=\"caption-attachment-878\" class=\"wp-image-878\" src=\"http:\/\/willydezutter.be\/wp-content\/uploads\/2019\/07\/ALB_11_004-300x221.jpeg\" alt=\"\" width=\"639\" height=\"471\" srcset=\"https:\/\/willydezutter.be\/wp-content\/uploads\/2019\/07\/ALB_11_004-300x221.jpeg 300w, https:\/\/willydezutter.be\/wp-content\/uploads\/2019\/07\/ALB_11_004-768x566.jpeg 768w, https:\/\/willydezutter.be\/wp-content\/uploads\/2019\/07\/ALB_11_004-1024x755.jpeg 1024w, https:\/\/willydezutter.be\/wp-content\/uploads\/2019\/07\/ALB_11_004-624x460.jpeg 624w\" sizes=\"(max-width: 639px) 100vw, 639px\" \/><\/a><p id=\"caption-attachment-878\" class=\"wp-caption-text\">De opening van het Stedelijk Museum voor Volkskunde op 29 juni 1973. Kamervoorzitter Achiel Van Acker tijdens zijn openingstoespraak in de sprekerston. Uiterst rechts schepen Fernand Traen. Bron: Beeldbank Brugge.<\/p><\/div>\n<div id=\"attachment_891\" style=\"width: 658px\" class=\"wp-caption alignnone\"><a href=\"http:\/\/willydezutter.be\/wp-content\/uploads\/2019\/07\/ALB_11_008.jpeg\"><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" aria-describedby=\"caption-attachment-891\" class=\"wp-image-891\" src=\"http:\/\/willydezutter.be\/wp-content\/uploads\/2019\/07\/ALB_11_008-300x218.jpeg\" alt=\"\" width=\"648\" height=\"471\" srcset=\"https:\/\/willydezutter.be\/wp-content\/uploads\/2019\/07\/ALB_11_008-300x218.jpeg 300w, https:\/\/willydezutter.be\/wp-content\/uploads\/2019\/07\/ALB_11_008-768x559.jpeg 768w, https:\/\/willydezutter.be\/wp-content\/uploads\/2019\/07\/ALB_11_008-1024x745.jpeg 1024w, https:\/\/willydezutter.be\/wp-content\/uploads\/2019\/07\/ALB_11_008-624x454.jpeg 624w\" sizes=\"(max-width: 648px) 100vw, 648px\" \/><\/a><p id=\"caption-attachment-891\" class=\"wp-caption-text\">Opening Museum voor Volkskunde (Brugge) 29 juni 1973. Centraal bij de vitrinekast herkennen we Achiel Van Acker en rechts van hem schepen Fernand Traen. Links conservator Willy Dezutter en Valentin Vermeersch, conservator van het Gruuthusemuseum. Bron: Beeldbank Brugge (Stadsarchief).<\/p><\/div>\n<p>Het museum werd officieel geopend op 29 juni 1973 (44) door Kamervoorzitter Achiel Van Acker (Brugge 1898-Brugge 1975), Minister van Staat \u00e9n volkskundige. \u00a0Hij was al in 1937 \u00e9\u00e9n van de eerste leden van de Bond der Westvlaamse Folkloristen en in 1982 kwam zijn pijpencollectie terecht in het museum (45). \u00a0Van in het begin stond vast dat het museumgebouw doorgetrokken zou worden tot op de hoek van de Balstraat en de Rolweg. \u00a0Bij raadsbesluit van 29 januari 1974 werd het ontwerp voor de uitbreidingswerken goedgekeurd. \u00a0Pas op 29 januari 1974 werd het ontwerp voor de uitbreidingswerken toegewezen aan de aannemer. \u00a0Veel verder dan wat opschikwerken kwam men niet aangezien \u00e9\u00e9n der krotwoningen bewoond bleef tot 19 oktober 1978. \u00a0Het is wel duidelijk dat de omschrijving &#8220;nogmaals een lijdensweg&#8221; hier wel op zijn plaats zou zijn. \u00a0We zullen u de details besparen. \u00a0Wegens het uitblijven van de beloofde 60% rijkssubsidie vielen de werken gedurende 19 maanden stil (46). \u00a0Dankzij burgemeester Frank Van Acker (1929-1992) en schepen van financi\u00ebn Raymond Reynaert (1932-2009) werd besloten dat de Stad Brugge met eigen middelen de bouwwerken zou voltooien. \u00a0Op 27 augustus 1982 kon burgemeester F. Van Acker het hernieuwd museum voor geopend verklaren (47). \u00a0Het museum werd toen verrijkt met de museumherberg &#8220;In de Zwarte Kat&#8221; waar ook de museumkat Aristide I werd ge\u00efntroduceerd. \u00a0De zwarte kat werd 17 jaar oud en kreeg zijn grafgedenkteken in de museumtuin. \u00a0Hij werd opgevolgd door Aristide II and so on. \u00a0De ingang van het museum werd toen verplaatst van Balstraat 27 naar Rolweg 40. Nieuwe secties in het museum werden de schoenmakerij (advies Ren\u00e9 Duyck, meester-schoenmaker), het oud klaslokaal (advies ereschooldirecteur Gerard De Waele), een afdeling klederdracht en een afdeling volksdevotie. \u00a0Dat was dus de eerste uitbreidingsfase.<\/p>\n<div id=\"attachment_879\" style=\"width: 638px\" class=\"wp-caption aligncenter\"><a href=\"http:\/\/willydezutter.be\/wp-content\/uploads\/2019\/07\/MBR002001447.jpeg\"><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" aria-describedby=\"caption-attachment-879\" class=\"wp-image-879\" src=\"http:\/\/willydezutter.be\/wp-content\/uploads\/2019\/07\/MBR002001447-300x207.jpeg\" alt=\"\" width=\"628\" height=\"433\" srcset=\"https:\/\/willydezutter.be\/wp-content\/uploads\/2019\/07\/MBR002001447-300x207.jpeg 300w, https:\/\/willydezutter.be\/wp-content\/uploads\/2019\/07\/MBR002001447-768x531.jpeg 768w, https:\/\/willydezutter.be\/wp-content\/uploads\/2019\/07\/MBR002001447-1024x708.jpeg 1024w, https:\/\/willydezutter.be\/wp-content\/uploads\/2019\/07\/MBR002001447-624x431.jpeg 624w, https:\/\/willydezutter.be\/wp-content\/uploads\/2019\/07\/MBR002001447.jpeg 1465w\" sizes=\"(max-width: 628px) 100vw, 628px\" \/><\/a><p id=\"caption-attachment-879\" class=\"wp-caption-text\">Hoek Balstraat-Rolweg. Bouwwerken uitbreiding Museum voor Volkskunde (1978). Bron: Beeldbank Brugge.<\/p><\/div>\n<div id=\"attachment_893\" style=\"width: 651px\" class=\"wp-caption alignnone\"><a href=\"http:\/\/willydezutter.be\/wp-content\/uploads\/2019\/07\/FOB03803.jpeg\"><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" aria-describedby=\"caption-attachment-893\" class=\"wp-image-893\" src=\"http:\/\/willydezutter.be\/wp-content\/uploads\/2019\/07\/FOB03803-300x217.jpeg\" alt=\"\" width=\"641\" height=\"464\" srcset=\"https:\/\/willydezutter.be\/wp-content\/uploads\/2019\/07\/FOB03803-300x217.jpeg 300w, https:\/\/willydezutter.be\/wp-content\/uploads\/2019\/07\/FOB03803-768x555.jpeg 768w, https:\/\/willydezutter.be\/wp-content\/uploads\/2019\/07\/FOB03803-1024x740.jpeg 1024w, https:\/\/willydezutter.be\/wp-content\/uploads\/2019\/07\/FOB03803-624x451.jpeg 624w\" sizes=\"(max-width: 641px) 100vw, 641px\" \/><\/a><p id=\"caption-attachment-893\" class=\"wp-caption-text\">De heropening van het Museum voor Volkskunde (1982). Op 27 augustus 1982 werd het vernieuwde museum heropend. V.l.n.r. schepen van Cultuur Omer Dombrecht, burgemeester Frank Van Acker, Anna Verh\u00e9, weduwe Achiel Van Acker, gemeenteraadslid Willy Desmedt, conservator Willy Dezutter, gemeenteraadslid Fernand Vanden Broele, gemeenteraadslid Marc De Langhe, schepen Fernand Peuteman, schepen Raymond Reynaert en schepen Bob Deruelle. In de vitrinekast ligt de pijpenverzameling van Minister van Staat Achiel Van Acker. Bron: Beeldbank Brugge (Stadsarchief).<\/p><\/div>\n<p><strong style=\"font-size: 1rem;\">De tweede uitbreidingsfase (1989)<\/strong><\/p>\n<p>Ondanks de vergroting van het museum bleef het toch nog te kleinschalig in verhouding tot het aantal collecties dat opgeborgen bleef in de reserves. \u00a0Ook het ontbreken van een tentoonstellingszaal voor tijdelijke tentoonstellingen werd als een groot gemis ervaren (48). \u00a0Aangezien de aanpalende woningen Rolweg 38 en 36 reeds stadseigendom waren besliste het stadsbestuur in 1986 het museum in die richting uit te breiden. \u00a0Voor de achterkant van het gebouw werd gekozen voor een vergroting van het bouwvolume door de toevoeging van een galerij in glas. \u00a0Het betreft hier alleszins een zeer geslaagd samengaan van oud en modern. \u00a0Deze ingreep, nodig omwille van de functionaliteit, levert meteen het bewijs dat een Volkskundemuseum niet dient herschapen te worden in een &#8220;Breugheldorp&#8221; om geloofwaardig over te komen. \u00a0In de uitsprong van de galerij leidt een spiltrap naar de tentoonstellingszaal op de eerste verdieping.<\/p>\n<p>Nieuwe afdelingen werden de oude apotheek (49) en de succesvolle spekkenbakkerij waar wekelijks demonstraties snoepgoedbakken plaatsvonden, eerst door Albert Tanghe en daarna door Bob Jonckheere. \u00a0Daarnaast kwam er een oude hoedenmakerij en een sectie over het kuipersambacht.<\/p>\n<p>De offici\u00eble opening vond plaats op 29 april 1989 door burgemeester Frank Van Acker (50) en M. Laenen, conservator van het Openluchtmuseum Bokrijk en Voorzitter van de Museumraad hield een referaat over &#8220;Volkskundemusea nu&#8221; (51).<\/p>\n<p>Op 1 juli 1989 bestond het museum officieel vijftig jaar. \u00a0Deze viering had plaats op 9 september 1989 in het kader van de jaarlijkse Aristidefeesten. \u00a0Deze opendeurdag met animatie belichtte twee jubilea nl. 50 jaar\u00a0Museum voor Volkskunde en 25 jaar (1964-1989) maalactiviteit op de Sint-Janshuysmolen op de Kruisvest (52).<\/p>\n<div id=\"attachment_895\" style=\"width: 697px\" class=\"wp-caption alignnone\"><a href=\"http:\/\/willydezutter.be\/wp-content\/uploads\/2019\/07\/FOB04719.jpeg\"><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" aria-describedby=\"caption-attachment-895\" class=\"wp-image-895\" src=\"http:\/\/willydezutter.be\/wp-content\/uploads\/2019\/07\/FOB04719-300x221.jpeg\" alt=\"\" width=\"687\" height=\"506\" srcset=\"https:\/\/willydezutter.be\/wp-content\/uploads\/2019\/07\/FOB04719-300x221.jpeg 300w, https:\/\/willydezutter.be\/wp-content\/uploads\/2019\/07\/FOB04719-768x566.jpeg 768w, https:\/\/willydezutter.be\/wp-content\/uploads\/2019\/07\/FOB04719-1024x755.jpeg 1024w, https:\/\/willydezutter.be\/wp-content\/uploads\/2019\/07\/FOB04719-624x460.jpeg 624w\" sizes=\"(max-width: 687px) 100vw, 687px\" \/><\/a><p id=\"caption-attachment-895\" class=\"wp-caption-text\">De huldiging van Guillaume Michiels op 3 september 1994. Conservator Willy Dezutter begroet de museumstichter Guillaume Michiels. Uiterst rechts (in regenjas) de bekende historicus Eduard Trips (1921-1997). Bron: Beeldbank Brugge (Stadsarchief).<\/p><\/div>\n<p><strong>De derde uitbreidingsfase (2003)<\/strong><\/p>\n<p>De aanpalende huizen Rolweg 34 en 32 (die in feite \u00e9\u00e9n woning vormden) waren stadseigendom en kwamen in aanmerking voor uitbreiding van het museum. \u00a0Andere huizen in de rij zouden niet meer opgeslorpt worden maar bestemd blijven voor particuliere bewoning zodat er geen dode straat zou ontstaan. \u00a0Het stadsbestuur gaf opdracht om een deelplan op te stellen maar ook nu sleepte het weer jaren aan omdat er bewoners dienden geherhuisvest te worden. \u00a0Die bewoners waren overigens zeer blij dat ze prioritair in aanmerking kwamen voor een nieuwbouw sociale woning; zij pleegden geen obstructie noch waren ze misnoegd. \u00a0Op 28 maart 2003 kon burgemeester Patrick Moenaert de nieuwe vleugel van het museum officieel openen (53). \u00a0Er ontstond een kleine binnentuin waarin een kunstwerk van de Brugse kunstenaar Renaat Ramon ge\u00efntegreerd werd.<\/p>\n<p>Belangrijk was o.m. de nauwgezette reconstructie van het atelier van een kleermaker zoals men dat in andere volkskundige musea niet aantreft (54). De museumshop werd eveneens vernieuwd en de ingang van het museum werd verplaatst naar Balstraat 43. \u00a0Er lag daarna alweer een plan op tafel voor een nieuwe verbouwing met als doel het bezoekerscircuit ingrijpend aan te passen om de beleving van een museumbezoek spannender te maken. Maar het geheim bleef bewaard. Onze taak als &#8220;bouwpastoor&#8221; zat er noodgedwongen op.<\/p>\n<p>Willy Dezutter<\/p>\n<p>1 Willy Dezutter, De stichting van het Gruuthusemuseum van Brugge in 1865. In: Brugs Ommeland, 2018.<\/p>\n<p>2 Willy Dezutter, Een Folkloremuseum voor Brugge: een eerste poging in 1911. In: Brugs Ommeland,2019, 2, p. 53-57.<\/p>\n<p>3 Le Vieux-Li\u00e8ge, nr. 42, 24 okt. 1896, kol. 681-694 met de eerste catalogus door Ch. J. Comhaire.<\/p>\n<p>4 Mus\u00e9e de la Vie Wallonne. Guide de Visiteur. Li\u00e8ge, 1958, p. 1<\/p>\n<p>5 Het museum was gevestigd in de H. Geeststraat vlak bij het Plantin-Moretusmuseum. Zie: W. Van Nespen, Het Volkskundemuseum te Antwerpen. \u00a0In: Gemeentekrediet van Belgi\u00eb, jg.28,nr.108, 1974, p. 87. \u00a0In 1955-1959 werd het Museum voor Volkskunde, na restauratie van enkele panden, ingericht \u201cAchter het Stadhuis\u201d in de Gildekamersstraat 2-6. \u00a0Nu bevinden de collecties zich in het Museum aan de Stroom (MAS) dat op 14 mei 2011 zijn deuren opende.<\/p>\n<p>6 R. Haeseryn, Het Museum voor Volkskunde in het Kinderen-Alijnshospies te Gent. In: Gemeentekrediet van Belgi\u00eb, nr. 109, 974, p. 165-176. \u00a0Het museum verhuisde in 1962 naar het Kinderen Alijnshospitaal aan de Kraanlei. \u00a0In 2000 onderging het een grondige gedaanteverwisseling en heet sindsdien het Huis van Alijn. \u00a0Zie ook: Renaat Vander Linden, Geschiedenis van het tijdschrift \u201cOostvlaamsche Zanten\u201d (1926-1960). Nederlandse Volkskundige Bibliografie, deel VII, Antwerpen, 1968, p. V-XXIII. Renaat Van der Linden (1918-1999) was van 1965-1998 hoofdredacteur van Oostvlaamse Zanten.<\/p>\n<p>7 H. Stalpaert, Bio-bibliografische inleiding tot de studie van de Volkskunde in West-Vlaanderen. In: Oostvlaamsche Zanten, jg. 30, 1955, 1, p. 1-15.<\/p>\n<p>8 Gelijkluidende verklaringen konden wij noteren bij Guillaume Michiels (1909-1997), de eerste conservator en bij Evarist Van Heulenbrouck (1898-1997), de eerste griffier (secretaris). \u00a0E. Van Heulenbrouck gaf ons inzage in de jaarverslagen 1938-1947. Hij werd 99 jaar oud ! \u00a0Ook namen we een interview af bij Walter Bossier (1898-1977), oud-stadsbibliothecaris, in zijn huis in de Joos de Damhouderstraat. \u00a0 En bij Magda Cafmeyer (1899-1983) in haar woning in de Moerkerksesteenweg, Sint-Kruis-Brugge.<\/p>\n<p>9 Eduard Trips, Caf\u00e9 Vlissinghe 1515-1985. Een eeuwenoude Brugse herberg. Brugge, 1986,, p. 111.<\/p>\n<p>10 Zie voor Karel De Wolf: Willy Muylaert, Karel De Wolf en zijn Brugsch Volk. Brugge, 1983, 95 p.<\/p>\n<p>11 W.P. Dezutter, Guillaume Michiels pionier van de materi\u00eble volkskunde te Brugge. In: Catalogus Retrospectieve Guillaume Michiels, Brugge, 1980, p. 29-47.<\/p>\n<p>12 De bekende Nederlandse volkskundige Jacques R.W. Sinninghe (1904-1988) woonde in 1937-1939 in het Beluik van het Bourgondsche Cruyce in de Wollestraat (Brugge) tegenover de slagerswinkel van Odilon Michiels-Hutchinson (Wollestraat 30), de ouders van Guillaume Michiels die hij daardoor leerde kennen. Brief d.d. 22 sept. 1981 van J.R.W.Sinninghe, Breda.<\/p>\n<p>13 Zie voor het verschijningsritme van \u2019t Beertje: W.P. Dezutter, De heropstanding van \u2019t Beertje. Volkskundige almanak 1986. In: Biekorf, 86 (1986), p. 103-105. Door Prof. S. Top, de nieuwe hoofdman van de BWV werd weer aangeknoopt bij de oude traditie. Omaar Daveloose, de drukker van de eerste drie Beertjes, was sinds 14.10. 1945 geen lid meer van de Beheerraad.<\/p>\n<p>14 Zie voor H. Stalpaert: Stefaan Top, Herv\u00e9 Stalpaert (1914-1981), een belangrijke schakel in de (West) Vlaamse volkskunde, in: Arsbroeck. Kring Herv\u00e9 Stalpaert. Jaarboek I, 1984, p. 46-50.<\/p>\n<p>15 In Antwerpen en Gent sprak men over het Museum voor Folklore, in Brugge wel degelijk over Museum van Folklore. Het woord folklore werd in Brugge door menigeen uitgesproken als \u201cfokklore\u201d.<\/p>\n<p>16 Gemeenteblad der Stad Brugge, 78<sup>ste<\/sup>boekdeel, 1937, p. 127 zitting van 22 maart 1937. De toelage werd verleend \u201cvoor de inrichting van een Folkloremuseum te Brugge\u201d.<\/p>\n<p>17 J. De Smet, Brugsche Folklore. Een bezoek aan de tentoonstelling, in: Biekorf, 43 (1937), p. 93-96 en C.T [r\u00e9fois], Het Museum voor Folklore te Brugge, in: Oostvlaamsche Zanten, 1937, 2-3,p. 87-89. W.P. Dezutter, Het Stedelijk Museum voor Volkskunde te Brugge, in: Biekorf, 74 (1973), p. 65-72, voetnoot 9 met vermelding van de weerklank in de pers.<\/p>\n<p>18 De bijdrage van H. Stalpaert, Het Museum voor Volkskunde te Brugge en de Bond van de Westvlaamse Volkskundigen, in: \u2019t Beertje, 1974, p. 1-10 bevat veel onnauwkeurigheden.<\/p>\n<p>19 Henri of Hendrik Baels (1878-1951) was van 1933 tot 1940 provinciegouverneur van West-Vlaanderen. Zijn dochter Lilian werd in 1941 de tweede echtgenote van koning Leopold III.<\/p>\n<p>20 De historicus en rechtsgeleerde Egied Strubbe (1897-1970) was sinds 1935 docent en sinds 1940 hoogleraar aan de Rijksuniversiteit Gent. A. Viaene, In memoriam Prof. E.I. Strubbe, in: Handelingen van het Genootschap voor Geschiedenis te Brugge, 1971, afl. 3-4, p. 109-116. A. Viaene rept met geen woord over Strubbe als volkskundige. \u00a0Hij publiceerde heel wat over volkskunde in de tijdschriften Biekorf en Volkskunde en was nochtans van 1941 tot 1970 de hoofdman van de B.W.V.<\/p>\n<p>21 Brief d.d. 1 okt. 1943 van secretaris E. Vanheulenbrouck gericht aan de griffier van de Rechtbank te Brugge.<\/p>\n<p>22 Joseph Vandenberghe (Roeselare 1878-Roeselare 1973), bestendig afgevaardigde Prov. West-Vlaanderen (van 1921-1940) was ex officio lid omdat de Provincie subsidie verleende. \u00a0Hij had echter een band met het tijdschrift Biekorf. \u00a0Als dichter publiceerde hij zijn po\u00ebzie in Biekorf tussen 1901-1932.<\/p>\n<p>23 De Bond vergaderde altijd in het zaaltje van het \u201cMuseum van Kunstnijverheid\u201d, Keersstraat 1, Brugge. (\u2019t Keerske, waar ook de Gidsenbond vergaderde; nu Protestantse kerk). \u00a0De kunstschilder en etser Jules Fonteyne (1878-1964) was conservator van dit museum. \u00a0Dit zal \u00e9\u00e9n van de redenen geweest zijn om hem op te nemen in de beheerraad van de Bond. \u00a0G. Michiels wijdde in 1973 een retrospectieve tentoonstelling aan hem in het Groeningemuseum. \u00a0De opening was op 12 mei 1973. Het werd meteen ons eerste openbaar optreden als museumconservator. \u00a0Zie voor J. Fonteyne vooral: Marc Ryckaert, Jules Fonteyne (1878-1964), veelzijdig kunstenaar, in: In de Steigers. Erfgoednieuws uit West-Vlaanderen, 20 (2013), p. 3-17. \u00a0De bibliotheek van dit Museum van Kunstnijverheid en Kunstambachten werd ondergebracht in de Stadsbibliotheek als een apart fonds.<\/p>\n<p>24 Albert Schouteet (1909-1991) werd in 1948 &#8220;hulparchivaris&#8221; en later stadsarchivaris van het Stadsarchief, Brugge. \u00a0In 1947 was hij al bestuurslid van het Genootschap voor Geschiedenis te Brugge. \u00a0Zie: Andries Van den Abeele, Stadsarchivaris Albert Schouteet, in: Brugs Ommeland, 1991, p. 113-128.<\/p>\n<p>25 Brief d.d. 13 okt. 1947 van M. Van Coppenolle aan hoofdman E.Strubbe. M. Van Coppenolle was voorgedragen door H. Stalpaert (beiden van Sint-Andries) maar verscheen niet op de statutaire vergadering van 19.10.1947. Antoon Lowyck (1914-2005) was ook kandidaat maar werd niet verkozen. \u00a0Hij was vele jaren hoofdredacteur van het tijdschrift \u201cOns Heem\u201d. E.H. Antoon Lowyck was legeraalmoezenier; hij schreef in \u201cOns Heem\u201d ook onder het pseudoniem B. Befterkerke.<\/p>\n<p>26 Over M. Van Coppenolle vooral Ewald Van Coppenolle, Maurits Van Coppenolle (1910-1955), in: Maurits Van Coppenolle, bezieler van de Brugse volkskunde. Stedelijk Museum voor Volkskunde, 1998, p. 7-48 bio-bibliografie.<\/p>\n<p>27 Bj\u00f6rn Rzoska en Barbara Henkes, Volkskunde en Groot-Germaanse cultuurpolitiek in Vlaanderen, 1934-1944, in: Bijdragen tot de Eigentijdse Geschiedenis, no. 11, 2003, p.71-100.<\/p>\n<p>28 H. Stalpaert, Kleine Kroniek van de Folklore. Folklore Musea, in: Biekorf, 52, (1951), p. 115 met de quote &#8220;Te Brugge behoren de lotgevallen van het Museum van Folklore tot het gebied van de avonturenverhalen&#8221;. Hij geeft wel het verkeerde heropeningsjaar. Het was niet 1949 maar 1948.<\/p>\n<p>29 H. Stalpaert zegt in zijn artikel over &#8220;Het Museum voor Folklore en de Bond van de Westvlaamse Volkskundigen&#8221;, in: \u2019t Beertje, 1974, p. 1-10 niets over de bestuurswijzigingen in 1947 en 1951. Op p. 5 beweert hij ten onrechte dat Magda Cafmeyer in 1948 conservator werd. G. Michiels was immers conservator tot 14.10.1951. \u00a0In zijn bijdrage over de volkskunde verschenen in &#8220;Panorama van de Brugse geschiedschrijving sedert Duclos&#8221; (1910) beweert H. Stalpaert (Brugge, 1972, p. 281) dat de B.W.V. gesticht werd naar aanleiding van de Folkloretentoonstelling in 1937. De feiten deden zich juist in omgekeerde volgorde voor!<\/p>\n<p>30 Jules Fraeyman (+1969), een apotheker en volkskundige uit Wingene (publiceerde o.m. in Biekorf en \u2018t Beertje), niet te verwarren met Leon Defraeye (Deerlijk).<\/p>\n<p>31 Jules Pollet (1920-1994), een priester uit Aartrijke. Medewerker van Biekorf, auteur van een Geschiedenis van Aartrijke. In Aartrijke (Zedelgem) kreeg hij een straatnaam.<\/p>\n<p>32 Antoon Viaene (Kortrijk 1900-Brugge 1979) Hoofdredacteur Biekorf van 1929 tot aan zijn overlijden in 1979. Zie: W.P. Dezutter, In memoriam Antoon Viaene 1900-1979, in: Brugs Ommeland, 1979,3, p. 234 en J. Geldhof, Antoon Viaene in zijn levensherfst 1970-1979, in: Biekorf, 79 (1979), 9-10, p. 257 e.v.<\/p>\n<p>33 M. Van Coppenolle, Pleidooi voor het Museum van Westvlaamse Folklore. In: West-Vlaanderen, maart 1954, p. 61-63.<\/p>\n<p>34 Toen Willy Dezutter bij K.B. van 5.6.1981 lid werd van de Koninklijke Belgische Commissie voor Volkskunde heeft H. Stalpaert dat eerst vruchteloos proberen te verhinderen. Van de BWV waren we bestuurslid van 1973-1976. We gaven zelf ontslag.<\/p>\n<p>35 Volgens het interview dat ik van haar afnam. Ze deed nog belangrijke schenkingen aan het nieuwe Stedelijk Museum voor Volkskunde. Willy P. Dezutter, In memoriam Magda Cafmeyer, in: Brugs Ommeland, 1983, 2,p. 156 en Dirk Callewaert, Magdalena Cafmeyer, in: Nationaal Biografisch Woordenboek, deel XVI, Brussel, 2002.<\/p>\n<p>36 Willy P. Dezutter, Guillaume Michiels. Behoeder van het Brugs Erfgoed. VWS-Cahiers, 1994 en W.P. Dezutter, In memoriam Guillaume Michiels (1909-1997). Stichter-conservator van het Museum voor Volkskunde van Brugge. In: Biekorf, 97 (1997), p. 294 en De Wereld van een Brugse mens. Dubbeltentoonstelling Guill. Michiels (1909-1997), Brugge, 2009 met bijdragen van Dirk Michiels, Peter Bultinck, Jan D\u2019hondt en Nadia Vangampelaere. De bijdrage van Nadia Vangampelaere (Stedelijke Musea, Brugge) werd volledig geplagieerd op basis van artikels van Willy Dezutter zonder enige bronverwijzing.<\/p>\n<p>37 Willy P. Dezutter, Het fonds Guillaume Michiels (in het Stedelijk Museum voor Volkskunde). Schenking, aankoop, huldiging en tentoonstelling. In: Jaarboek 1993-1994 van de Stedelijke Musea, Brugge (1995), p. 53-65.<\/p>\n<p>38 Maurits Van Coppenolle vermeldt Marcel Casteleyn in zijn dagboek (28 sept. 1944). Tussen 1938 en 1955 schreef M.V.C. zes dagboeken vol. Die werden door Ewald Van Coppenolle in afleveringen gepubliceerd in de \u201cHeemkundige Bijdragen\u201d voor zover het zijn contacten betrof met heemkundigen en volkskundigen. Het betreft een interessante bron.<\/p>\n<p>39 W.P. Dezutter, Het Stedelijk Museum voor Volkskunde, in: Biekorf, 74 (1973), p. 65-72 en Jozef Penninck, De Schoenmakersrente te Brugge, in: Brugs Ommeland, 1973,2, p. 39-40 en P. Devos, Brugge, herwonnen schoonheid. Tielt, 1975, p. 213-219.<\/p>\n<p>40 Daarover gegevens in Fernand Traen, Brugse memoires. Brugge, 2015. Ook over de aanstelling van schrijver dezes als conservator. Daarvoor stak schepen F. Traen zijn licht op bij A. Viaene nadat ik was voorgesteld door Valentin Vermeersch. Zie voor F. Traen: Ludo Vandamme, In memoriam Ridder Fernand Traen 1930-2016, in: Biekorf, 116 (2016),p. 380.<\/p>\n<p>41 Voor diegenen die er aan zouden twijfelen: de aanstelling was tijdelijk en werd gevolgd door een vergelijkend examen met acht tegenkandidaten. Uitslag: 1. Willy Dezutter, 2. Willy Le Loup. Willy Le Loup (\u00b01949) zou ook nog een hele museumcarri\u00e8re afleggen en in 2007 mij opvolgen tot aan zijn pensionering in 2014. Van 2002 tot 2008 was Sibylla Goegebuer adjunct-conservator van het Volkskundemuseum.<\/p>\n<p>42 Zie daarvoor W.P. Dezutter, Van folklore naar volkskunde, in: Biekorf, 80 (1980), p. 83-87. In 2007 werd door Manfred Sellink (toen hoofdconservator Stedelijke Musea, Brugge, vertrokken in 2014) in een vlaag van nieuwlichterij, de naam gewijzigd in het totaal onbruikbare Brugge Museum \u2013 Volkskunde. Nu gebruikt men weer de duidelijke benaming Volkskundemuseum.<\/p>\n<p>43 De didactische panelen in plexiglas werden ontworpen door Willy Dezutter en uitgevoerd door graficus Guido Callens (Brugge). W.P. Dezutter, Presentatie en didactiek in volkskundige musea. In: Museumleven 6 (1979), p. 4-5.<\/p>\n<p>44 In de recordtijd van vijf maanden om te kunnen openen v\u00f3\u00f3r het begin van het toeristische seizoen. \u00a0Normaal duurt zo\u2019n presentatie minstens een jaar en dient men te kunnen beschikken over een gespecialiseerde equipe.<\/p>\n<p>45 Willy P. Dezutter, Het Stedelijk Museum voor Volkskunde. Beknopte gidsen van de Musea van Brugge 1. Brugge, 1992, p. 14-15 zaal pijp en tabak.<\/p>\n<p>46 Achteraf is het ons duidelijk geworden dat Brugge vanuit bepaalde ministeries in Brussel werd tegengewerkt doordat Frank Van Acker (SP) bij de gemeenteraadsverkiezingen in 1977 het homogeen CVP-bestuur naar de oppositie had verwezen. \u00a0Frank Van Acker was burgemeester van Brugge van 1977-1992.<\/p>\n<p>47 Willy P. Dezutter, Het Stedelijk Museum voor Volkskunde heropend. In: Jaarboek 1982 Brugge Stedelijke Musea, Brugge, 1983, p. 117-122.<\/p>\n<p>48 Dat werd al aangevoeld in 1975 toen de grote tentoonstelling &#8220;Op en om de bouwwerf&#8221; uitweek naar de Stadshallen. Zie: W.P. Dezutter en M. Goetinck, Catalogus Op en om de bouwwerf. Brugge, 1975, 216 p. en bij de tentoonstelling in 1979 over de Nijverheidsschool (Provinciaal Hof), W.P. Dezutter en M. Goetinck, 125 jaar Stedelijke Nijverheidsschool. Brugge, 1979, 318 p.<\/p>\n<p>49 W.P. Dezutter, Vier glasschilderingen (ca.1929) uit de voormalige apotheek van Paul Vande Vyvere (Brugge). In: Liber Amicorum Andr\u00e9 Vanhoutryve, Brugge, 1990, p. 87-95.<\/p>\n<p>50 Willy P. Dezutter, Nieuwe afdelingen in het Stedelijk Museum voor Volkskunde. In: Jaarboek 1989-1990 Brugge Stedelijke Musea, Brugge, 1991, p. 69-79 en Willy Dezutter, Nieuwe afdelingen in het Stedelijk Museum voor Volkskunde. In: Museumleven. Jaarboek van de Vlaamse Museumvereniging, 16, 1989-1990, p. 10-13.<\/p>\n<p>51 Marc Laenen, Volkskundemusea nu. Jaarboek 1989-1990, ibidem p. 80-81.<\/p>\n<p>52 De conservator van het Volkskundemuseum was ipso facto ook conservator van de vier stedelijke molens. Zie: W.P. Dezutter, Restauratie van de Brugse molens, in: Brugs Ommeland, 1983, 2, p. 144 en W.P. Dezutter, Vierde molen op de vestingen, in: Brugs Ommeland, 1991,4, p. 259. De molenreconstructie van de Koeleweymolen werd door ons begeleid. Tussendoor waren we voor dezelfde prijs van 1985-1990 ook nog eens conservator van het G. Gezellemuseum. Zie: W.P. Dezutter, Het Gezellemuseum 60 jaar, in: Brugs Ommeland, 1987, 1, p. 59.<\/p>\n<p>53 Hierover bestaat helaas geen gedrukte publicatie . Toen Manfred Sellink in 2001 aantrad als nieuwe hoofdconservator van de Stedelijke Musea beging hij de onherstelbare fout om het Jaarboek onmiddellijk af te schaffen. Het verscheen o.l.v. zijn voorganger dr. V. Vermeersch van 1982-1999. Onze tekst met de beschouwing gehouden ter gelegenheid van de academische zitting bij de heropening van het museum op 28 maart 2003 getiteld &#8220;De museale verbeelding tussen realiteit en fictie. Het museum als bewaarplaats van het originele object&#8221; kan men lezen op <a href=\"http:\/\/www.willydezutter.be\/\">www.willydezutter.be<\/a><\/p>\n<p>54 Dat was vooral het werk van mijn zeer kundige museummedewerker Werner Paepe, zelf meester-kleermaker.<\/p>\n<p>Deze bijdrage verscheen in het tijdschrift Brugs Ommeland, 2019, 2, pp. 67-83.<\/p>\n<p>Afbeeldingen<\/p>\n<p>1 Groepsportret organisatoren en personaliteiten Folkloretentoonstelling 27 maart-11 april 1937 in Stedelijk Concertgebouw (Sint-Jacobsstraat). V.l.n.r. Alfons De Groeve, gemeenteraadslid, Jules Pollet, Guillaume Michiels, schepen Louis Ryelandt, hoofdman Karel De Wolf, burgemeester Victor Van Hoestenberghe, VNV-volksvertegenwoordiger Jef De Vroe, Evarist Vanheulenbrouck, Prof.dr. Paul De Keyser (Gent), F. Van Es (Bond Oostvlaamse Volkskundigen, Gent). Beeldbank Brugge inv.nr. BRU001006563 G\/B 139\/3<\/p>\n<p>3 Hoek Balstraat-Rolweg. Bouwwerken uitbreiding Museum voor Volkskunde (1978). Daar dient de museumherberg \u201cDe Zwarte Kat\u201d te verrijzen. De opening zal pas op 27 aug. 1982 plaatsvinden. Beeldbank Brugge inv.nr. MBR002001447<\/p>\n<p>2 De opening van het Stedelijk Museum voor Volkskunde op 29 juni 1973. Kamervoorzitter Achiel Van Acker tijdens zijn openingstoespraak in de sprekerston. Uiterst rechts schepen Fernand Traen. Beeldbank Brugge inv.nr. ALB\/11\/004<\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Het eerste museum in Brugge dat zich ook over volkskundige objecten ontfermde was het in 1865 opgerichte Gruuthusemuseum (1). \u00a0In 1911 deed Robert Coppieters \u2019t Wallant (1871-1955) in de schoot van het Oudheidkundig Genootschap (Soci\u00e9t\u00e9 d\u2019Arch\u00e9ologie), dat het Gruuthusemuseum beheerde, een voorstel tot oprichting van een folkloremuseum. \u00a0Wegens de vrees voor dubbel gebruik ging dat [&hellip;]<\/p>\n","protected":false},"author":3,"featured_media":0,"comment_status":"closed","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"footnotes":""},"categories":[13],"tags":[278,476,189,18,477,475,480,174,478,474,479,171,473,167,481],"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/willydezutter.be\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts\/866"}],"collection":[{"href":"https:\/\/willydezutter.be\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/willydezutter.be\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/types\/post"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/willydezutter.be\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/users\/3"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/willydezutter.be\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Fcomments&post=866"}],"version-history":[{"count":17,"href":"https:\/\/willydezutter.be\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts\/866\/revisions"}],"predecessor-version":[{"id":960,"href":"https:\/\/willydezutter.be\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts\/866\/revisions\/960"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/willydezutter.be\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Fmedia&parent=866"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/willydezutter.be\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Fcategories&post=866"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/willydezutter.be\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Ftags&post=866"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}